VI. Kameraad Heelal

 

 

MMXIII

 

Je vond een huis voor ons

met een glazen wand om naar

de middag en de avond

te kijken en de Maas

door kleur en schaduw

te zien stromen, samen,

ook de avond, dacht ik,

de Maas zien stromen.

 

 

 

 

 

Een beeld van Yiannis Ritsos

 

Aan de overkant zijn de huizen wit.

Voorbij de huizen, de bergen zijn blauw.

Geen enkele kleur

zegt je nu: ‘ik bemin’.

 

 

 

 

 

Kameraad Heelal

 

Het heelal, naar zijn aard

de oudste dictatuur,

dwingt tot ontzag

met doodstraf,

met totale vernietiging

van alles dat ons

doet herinneren.

 

Tijd, zijn geheime politie,

is wetgever, rechter en beul,

naar zijn rechtvaardigheid leven,

in verzet of collaboratie,

aan ons de eer.

 

 

 

 

 


Woorden van Yiannis Ritsos

 

De woorden, vroeger trefzeker,

ik vroeg me af: zijn die zo verdrietig

dat je hen laat vergeten?

Ik vroeg me af of ook zij verouderen.

 

 

 

 

 

 

Kameraad Heelal legt mijnen

 

Kameraad Heelal legt mijnen in mijn lief

en zet met zijn terreur haar tijd op scherp.

 

Verontwaardigd werkt liefde zich uit

in een razernij van paniek en plezier.

 

Kameraad Heelal tolt rond

in zijn onverschillig vertoon.

 

 

 

 

 

Tijd om te leren van Yiannis Ritsos

 

De deur opende vanzelf.

Er was niemand.

Het is tijd te leren

niet te wachten.

 

 

 

 

 

Hoeveel divisies heeft Kameraad Heelal?

 

Kameraad Heelal heeft geen tanks, geen geschut,

Kameraad Heelal heeft geen vliegdekschepen,

zonder bommenwerpers zelfs is Kameraad Heelal

machtiger dan het moorddadigste mensenleger,

Kameraad Heelal heeft natuurlijk uitrusting

ter beschikking van zijn almacht,

om eilanden uit te roeien,

om steden te decimeren,

om families in ellende te storten,

om kinderen ongeboren te laten sterven,

mismaakt ter wereld te laten komen,

te laten verdrinken, verbranden, stikken,

of onder vulkaanas te laten bedelven.

 

Laat ons Kameraad Heelal eren:

met zijn onuitputtelijke liefde

waakt Kameraad Heelal over

onnozelen en wanhopigen,

over liefdelozen, machtelozen

en tot zichzelf geroepenen

in hun tijden van voorspoed,

over het onoverwinnelijk leger

van zelfbenoemde vrienden

van Kameraad Heelal.

 

 

 

 

 

Het geheim van Yiannis Ritsos

 

Het grootste geheim was juist

wat hij het allerliefst

aan iedereen zou vertellen.

 

 

 

 

 

Kameraad Heelal toont zijn goede kant

 

Wat zal Kameraad Heelal eens voor je doen?

De zon schijnt en je wordt weer bemind.

Grapje! Er groeit net een tumor in je.

Ook een tumor hoort bij het leven, hč?

Heb daar vrede mee, je tijd is kort,

keer liefdevol terug in het grote geheel.

 

 

 

 

 

Rondspringend licht

 

Het antwoord op dit raadsel

van opspringend licht, licht

dat vroeg over de Maas springt,

slaapt nog, dit raadsel

van rondspringend plezier.

 

 

 

 

 

Uit het oog

 

Het geheim waarmee mijn lief mij betovert?

Vraag me dat niet. Zodra ik dat laat zien

schrijft Kameraad Heelal het voor

als recept met voorspelbare afloop.

 

Kijk maar even mee in mijn verbeelding,

onzichtbaar voor zijn heersersblik:

mijn lief komt net thuis en kijkt mij aan,

zie je, hoe ze de tijd rond laat zingen?

 

Ik kijk terug, als een gedicht naar zijn lezer,

met een blik die ronddanst van plezier.

 

 

 

 

 

Dromen van Yiannis Ritsos

 

Wat voor droom zien de vogels? Voor alles

de eenden, dommelend op het water, de maan

kleurt hun verendek goud.

 

 

 

 

 

elegie

Bemin me, herinner en beklaag me!

Zijn niet allen die beklagen gelijk voor God?

Anna Akhmatova

In het oog van Kameraad Heelal zijn we gelijk,

in het alziend oog dat geen onderscheid kent

zijn wij allen gelijk met onze beperkte leeftijd,

voorplanting en nageslacht, levend en overlevend

in krioelende hopen waar elk organisme

zich uitleeft in werk dat ons persoonlijk

lijkt voorbestemd of voorgeschreven.

 

Klaaglied, jammerklacht of elegie,

mijn blik beperkt zich in een vorm:

een van allen, kleur je alles om mij heen.

 

 

 

 

 

Mijn lief, mijn werkelijkheid

 

ik vraag je, schrijf je:

laat je voortleven

in dit en alles

wat nog komt.

 

 

 

 

 

Aan de onderhandelingstafel

 

Ondergetekende, hierna te noemen: dichter,

en Kameraad Heelal, niets en niemand

vertegenwoordigend dan zichzelf

in het al dat hij beheerst en omvat,

tonen zich tot onderhandeling bereid.

 

Beide partijen stellen vast

dat al aangerichte schade

buiten bespreking valt.

 

Op voorwaarde dat Kameraad Heelal

binnen zijn jurisdictie ontheven blijft

van verantwoording, schept hij ruimte

voor weerwerk tegen beperkende krachten,

hij verzekert de verbeelding van gelieven

niet zullen betreden met onverschilligheid

en tenslotte verdraagt hij dat de tijd

niet doodloopt in tunnels van uitputting,

hij laat hen vrij een tijd rond te kijken.

 

Buiten de onderhandelingstafel

draait de wereld door als zichzelf

in haar gloed van genoegen:

gedreven door bevrediging

en aangetrokken tot status,

onderhevig aan slijtage

op lange of korte termijn.

 

Looptijd van het verdrag: 30 jaar,

waarna, eveneens op deze locatie,

betrokken partijen de voorwaarden

voor overgave vast zullen leggen.

 

November – december 2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

V. Annabel Lee

 

De Filosofie van het Alsof lonkt mij

op dit zonovergoten terras aan het begin van de onderwijsvakantie

meer dan de koele voorbereidingen op de feestelijke lunch

waarvan onze aanwezigheid vandaag officieel de aanleiding is,

het wachten is op de laatste gasten als de verbeelding

opeens door het alsof over het terras ronddanst

wanneer de dichter zijn werk herkent in wiskundige formules

die in het dagelijks verloop zonder betekenis zijn.

 

Tot zover de biografische gegevens van dit gedicht,

de ik waarin het werk begint maar die later wel verdwijnt

als het goed is, een nuttig hulpmiddel, meer niet.

 

Als alle gasten zijn begroet is het tijd voor de lunch,

tijd voor wijn en gesprek na lang weerzien

waarin de bron van het plezier uit zicht blijft,

de opgave waarin de aandacht zich concentreert:

deel een lijn a zó

in twee delen x en x-a

dat x2.(a-x) een maximum is.

 

Wie maakt zich ook druk om dit probleem, als a noch x liefde symboliseren,

of lijden, of schoonheid, als de werkelijkheid zich niet stoort

aan ons onvermogen dit zelfopgelegde probleem op te lossen,

als de werkelijkheid juist zonder antwoord zichzelf viert.

 

Wiskundigen legden zich niet neer bij dit onvermogen, tot een amateur,

Fermat bedreef wiskunde, als de liefde, in een bevredigend bestaan,

besefte dat de werkelijkheid zonder vergelijking zichzelf is,

zonder maximum, zonder minimum, elk resultaat bevredigt,

zoals elke bevrediging het resultaat is van zichzelf,

 

 

hij doorbrak de onverschilligheid met een kunstgreep,

voegde een willekeurige waarde e toe

aan het gegeven x, maakte het groter, x+e,

en wijzigde de oorspronkelijke uitdrukking

     x2.(a-x)

in

  (x+e)2.(a-x-e)

alsof, en dit is de toverspreuk, alsof ze even groot zijn,

(x+e)2.(a-x-e) = x2.(a-x)

en maakte zo een bewuste fout, de werkelijkheid blijft

onverbiddelijk en onverschillig zichzelf.

 

De letters van de formule dansen over het blad:

(x+e)2.(a-x-e) = x2.(a-x),

de formule zet een choreografie uit en komt tot:

3x2 + 3xe + e2 = 2ax + ae,

een resultaat dat gebaseerd is op een fout,

een resultaat dat gecorrigeerd moet worden

om het linkerdeel van de vergelijking

gelijk te maken aan het rechterdeel,

wat slechts mogelijk is als e oorspronkelijk 0 was,

wat even iets was moet nu weer niets zijn,

dus als alle termen met e wegvallen uit

3x2 + 3xe + e2 = 2ax + ae

vervolgt de berekening de strenge choreografie:

3x2 = 2ax

3x = 2a

      x = 2a/3